Prefab is voor United Installaties dagelijkse kost. Het Overijsselse bedrijf houdt daarbij alles in eigen hand, dus inclusief de productie. ‘Prefabben is niet per se goedkoper, maar het zorgt wel voor tevreden monteurs, stagelopers en opdrachtgevers,’ vertelt technisch adviseur Rick Postma.
De voordelen van prefab zijn inmiddels wel bekend: kortere bouwtijd ‘buiten’, minder ervaren monteurs kunnen eerder het veld in en een hogere kwaliteit door assemblage in geconditioneerde omgevingen. Maar er is een verschil tussen prefab ‘doen’ of prefab ‘maken’. United Installaties kiest voor beide, vertelt Rick Postma, technisch adviseur bij adviserend installateur United Installaties uit Hasselt. ‘Nagenoeg elk deel van de installatie bestaat uit geheel of gedeeltelijk geprefabriceerde onderdelen. Dat geldt voor de volledige W-techniek, van vuilwater, hemelwater, mechanische ventilatie, koud- en warmtapwaterleidingen, cv-leidingen en leidingwerk voor de warmtepomp, tot vloerverwarmingverdelers, bronleidingen, en buitendelen voor de warmtepomp.’
Zaag- en bloklijsten
Zodra een project start, ontwerpen de werkvoorbereiders een basisinstallatie in Revit. Aan de hand daarvan wordt een sparingsopgave opgevraagd bij de aannemer voor de fundering, beganegrondvloer en overige verdiepingsvloeren. Daarna trekt de werkvoorbereider zijn prefab as-built uit. Omdat de meerwerkwensen van de bewoners worden meegenomen in de prefabricage, moeten deze dus al in een vroeg stadium bekend zijn en vastliggen. Postma: ‘Bij het uittrekken van het prefab wordt ieder stukje leiding op de exacte lengte getekend, hulpstukken worden precies goed gezet, de voet van de standleiding wordt exact getekend, evenals de positie van de bocht voor het aansluiten van een closet. Zelfs een excentrisch verloop wordt zodanig getekend dat de bovenzijde van de leidingen gelijk blijft.’
Uit het uitgetrokken prefab rolt een zaag- en bloklijst voor de pvc-leidingen waarmee de werkplaats aan de slag gaat, legt Postma uit. ‘Op de prefabtekening heeft elk stukje buis een eigen nummer dat overeenkomt met het nummer op de zaaglijst. Alle gezaagde stukken buis en hulpstukken worden verzameld om volgens de tekening gedeeltelijk te worden geassembleerd. Er worden dus delen van het stelsel in elkaar gezet, geen complete stelsels. Een compleet stelsel is niet alleen zwaar om te tillen, het is ook moeilijk te vervoeren en te plaatsen.’
‘Op de prefabtekening geeft de werkvoorbereider aan de werkplaats door waar het rioolstelsel losgelaten moet worden. Bijvoorbeeld omdat het riool door een sparing in een constructief deel moet worden gevoerd. De medewerkers in de werkplaats weten bovendien precies waar ze een stelsel moeten opdelen om te zorgen dat het makkelijk vervoerbaar blijft. De bijbehorende delen worden identiek genummerd. Op de bouw verbindt de monteur dus alleen maar nummers met nummers. Per woning wordt een setje gemaakt, gebundeld en voorzien van een bouwnummer. Het is zo simpel, dat de monteur alleen een pot pvc-lijm, waterpas, vuistje en kruiskopschroevendraaier nodig heeft om het riool te monteren. Prefabriceren is voor een belangrijk deel standaardiseren.’
‘Monteur heeft alleen pvc-lijm, waterpas, vuistje en kruiskop-schroeven-draaier nodig’
Eigen beugels
Bij het uitwerken van het prefab riool voor in de fundering worden ook beugels uitgedacht. ‘Wanneer het riool evenredig aan de fundering loopt, maken wij hier eigen beugels voor, die direct zorgen voor het juiste afschot en bevestiging aan de fundering’, legt Postma uit. ‘De beugels worden vervaardigd van een aluminium strip en kunnen op de bouw op de fundering worden geklemd. De beugels kunnen we ook voorzien van clickzadels voor de waterleidingen die meelopen met het riool.’ Daar waar wel riool loopt, maar geen fundering is om deze aan te bevestigen, werkt United Installaties met een combinatie van een tijdelijke ondersteuning met een definitieve bevestiging. Postma: ‘De tijdelijke ondersteuning is een rioleringspen die in hoogte verstelbaar is met M8-boutjes. De definitieve bevestiging bestaat uit een pvc-ophangbeugel, rvs-montageoog (eventueel met clickzadels voor de waterleidingen) en een rvs-draadeind. Het draadeind is dermate lang, dat dit na het plaatsen van de beganegrondvloer boven de ruwe vloer steekt. Door het draadeind om te slaan en vast te zetten met slagbeugels wordt het riool geborgd. De tijdelijke ondersteuning heeft hierbij gezorgd dat het riool op het juist afschot ligt, en is niet meer nodig.’
Compleet verdelerschot
Een ander mooi voorbeeld van prefab is het verdelerschot voor de vloerverwarming. ‘Eigenlijk een vrij simpele oplossing, maar zeer effectief met veel voordelen voor de bouw’, zo ervaart Postma. ‘Het berekenen, tekenen en leggen van de vloerverwarming besteden wij uit aan een externe ketenpartner met wie wij een zeer goede relatie hebben. De vloerverwarmingsverdeler plaatsen wij wel zelf. De collega’s in onze werkplaats voorzien de verdelers van afsluiters en koppelingen voor de transportleidingen, stellen de inregelafsluiter in volgens de tekening van de vloerverwarmingsleverancier, en monteren de verdeler op een witte houten plaat. Ook zorgen ze voor de voormontage van een regelmodule, communicatiemodel en stelmotoren voor de vloerverwarmingsgroepen. Zo plaatst de monteur op de bouw maar één compleet onderdeel in plaats van meerdere losse onderdelen.
Vaste leveranciers
Al deze prefab elementen worden zoveel mogelijk met componenten van vaste leveranciers gemaakt. ‘Je hebt altijd hetzelfde product in de hand, dus iedereen weet hoe dat product verwerkt moet worden. En als er eens iets is, dan kun je dat makkelijk terugleggen. Zo komt het rioolmateriaal van pvc allemaal bij Dyka vandaan, voor de warmtepomp zijn wij dealer van Ecoforest, de afzuiging gebruiken we alleen maar van Zehnder, en de meerlagenbuis komt van Comap MultiSkin.’ Prefabben is niet per se goedkoper, want minder werk buiten betekent meer werk in de werkplaats, rekent Postma voor. ‘Wel levert prefab tevreden monteurs op die arbovriendelijker kunnen werken. En tevreden opdrachtgevers, want we leveren zo lekker snel en zonder veel problemen op. En tevreden stagelopers die deze manier van bouwen leuk vinden en hopelijk onze nieuwe instroom van onderaf worden.’