EW01 cover 600
30 januari 2026

Coalitiepartners zien installatiesector als strategische uitvoeringspartner van het klimaat- en energiebeleid

Coalitieakkoord: ‘Op koers voor het klimaat en groene groei’

UV07725

De inkt van het coalitieakkoord is natuurlijk nog maar nauwelijks droog, en voor veel plannen zal de minderheidscoalitie op zoek moeten naar meerderheden in de Tweede Kamer, maar de eerste voorzichtige conclusie uit het vanmiddag gepresenteerde akkoord is dat het toekomstige kabinet Jetten de installatiesector ziet als een strategische uitvoeringspartner van het klimaat- en energiebeleid.

Van de redactie

Dat is positief nieuws. Het biedt onze sector enorme kansen voor groei, professionalisering en innovatie, maar vraagt tegelijk om een sector die schaalbaar, digitaal vaardig en organisatorisch volwassen is. De belangrijkste paragrafen voor de installatiesector zijn te vinden in het hoofdstuk ‘Op koers voor het klimaat en groene groei’ van het 67 pagina’s tellende coalitieakkoord. In dat hoofdstuk markeert het nieuwe kabinet een duidelijke koerswijziging: klimaatbeleid wordt expliciet gepositioneerd als motor voor economische groei. De energietransitie is niet langer een losstaand milieuproject, maar een kernonderdeel van het verdienvermogen van Nederland.

Verduurzaming loopt vast op fysieke grenzen

De analyse van de beoogde coalitiepartners D66, CDA en VVD is scherp: verduurzaming loopt vast, niet door gebrek aan ambitie, maar door fysieke grenzen – vooral het overvolle elektriciteitsnet. Netcongestie raakt alles: woningbouw, industrie, mkb en huishoudens. Daarom grijpt de overheid nadrukkelijk de regie. Met een Crisiswet Netcongestie, versnelde vergunningen en ingrijpen bij stagnerende projecten wordt het elektriciteitsnet behandeld als vitale infrastructuur van nationaal belang.
Het kabinet kiest voor elektrificatie als hoofdroute voor verduurzaming. Industrie, mobiliteit en gebouwde omgeving moeten zoveel mogelijk overstappen op elektriciteit, aangevuld met alternatieven waar nodig. De energiemix is bewust breed: wind op zee, waterstof, groen gas, kernenergie en warmtenetten worden parallel ontwikkeld om leveringszekerheid en betaalbaarheid te borgen.

Netbewuste inpassing van duurzame energie

Opvallend is de systemische benadering die het kabinet kiest in het coalitieakkoord: niet alleen méér duurzame energie, maar energie die “netbewust” wordt ingepast. Flexibiliteit, afstemming tussen vraag en aanbod, opslag en capaciteitsmarkten worden net zo belangrijk als duurzame opwek zelf. Energie wordt daarmee een stuurbaar systeem, geen eenrichtingsverkeer meer.

Warmtenetten en warmtepompen

Voor de gebouwde omgeving kiest het kabinet voor helderheid en tempo. Warmtenetten krijgen prioriteit, mede om de druk op het elektriciteitsnet te verlagen. Waar warmtenetten niet logisch zijn, wordt vanaf 2029 gestuurd op hybride en slimme warmtepompen. De door Rutte ingevoerde “normering” waar het kabinet Schoof een streep doorzette, lijkt dus weer terug op de agenda.
Ook voor de huurmarkt legt het kabinet de lat hoog. Slechte energielabels verdwijnen stap voor stap uit de huurmarkt, ondersteund door een Nationaal Isolatie Offensief en gerichte inzet in kwetsbare wijken.

De door Rutte ingevoerde “normering” waar het kabinet Schoof een streep doorzette, lijkt dus weer terug op de agenda.

De onderliggende boodschap in het coalitieakkoord is consistent: groene groei vraagt om schaal, snelheid en uitvoeringskracht. De overheid investeert, regisseert en normeert, met als doel een energievoorziening die schoon, betrouwbaar en betaalbaar is – en die Nederland minder afhankelijk maakt van ondemocratische regimes.

Wat betekent het coalitieakkoord voor mijn bedrijf?

Kansen

  1. Installatiesector wordt ruggengraat van de energietransitie:
    Warmtepompen, warmtenetten, energiehubs, isolatie, regeltechniek en slimme sturing zijn geen randvoorwaarden meer, maar kerninstrumenten.
  1. Kabinet wil van productinstallatie naar systeemintegratie:
    Installateurs zijn niet langer slechts “plaatsers”, maar worden systeemarchitecten.
  1. Langjarige investeringszekerheid:
    De combinatie van SDE++, publieke investeringen, normering (labels, warmtepompen) en staatsdeelname in warmtenetten zorgt voor structurele marktvraag. Dit biedt bedrijven ruimte om te investeren in mensen, digitalisering en industrialisatie.
  1. Nieuwe markten en schaal:
    Warmtenetten, waterstofinfrastructuur, energiehubs en grootschalige renovatieprogramma’s creëren nieuwe werkvelden waarin installatiebedrijven kunnen doorgroeien, samenwerken en specialiseren – ook richting beheer en exploitatie.

Uitdagingen:

  1. Uitvoeringsdruk en personeelstekorten:
    Zonder versnelling in instroom, opleiding en productiviteit dreigt de installatiesector alsnog de beperkende factor in de energietransitie te worden.
  1. Toenemende complexiteit:
    Slimme, hybride en netbewuste systemen vragen andere vaardigheden dan traditionele installatietechniek. Bedrijven die niet tijdig investeren in kennis, data en samenwerking lopen het risico buitenspel te raken.

  2. Regierol overheid:
    Meer regie en normering door de overheid biedt stabiliteit, maar kan ook leiden tot strakkere kaders, lagere marges en complexere aanbestedingen, vooral voor mkb-bedrijven. De balans tussen regie en ondernemerschap wordt cruciaal.